eerste vervolg
(juni 1994)
Naar: een grens te ver individualisme voorstelling gedrag
– Jan Vis
Naar:
eenindividualistischebeschouwingvolwassenindividualiteitdvg242-Jan Vis
Naar:
individualismekapitalismesocialismedvg - 243 – Klaas de Boer
Naar: individualistischebeschouwingenkapitalismedvg
- 244 – Dhr. H.
Atsma
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg245-Jan vis
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg246-Jan Vis (eerste vervolg)
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg247-Jan Vis (tweede vervolg)
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg248-Jan Vis (derde vervolg)
( Doe uzelf een plezier
en lees dit artikel in zijn geheel.)
een
eerste vervolg
Het individualisme heeft in zogenaamde
linkse kringen geen goede naam, geassocieerd als het wordt met liberalisme en
kapitalisme. Dat is eigenlijk merkwaardig, want het grondthema van de westerse
cultuur is toch de ontwikkeling van de mens tot individu. Je zou dus verwachten
dat juist mensen die zichzelf graag progressief noemen warme
pleitbezorgers van elke, de individualiteit bevorderende, ontwikkeling zouden
zijn...
Niets echter van dit alles!
Een en ander wordt nog vreemder als je ziet dat diezelfde mensen die met
betrekking tot het individualisme in hun eigen cultuur een afwijzende houding
aannemen en als het gaat om andere culturen, bijvoorbeeld die van de derde
wereld of de voormalige communistische wereld, energiek naar streven om
daar de mensen te steunen in hun worsteling om vrij en zelfstandig te worden,
los te komen van de voorgeschreven massa identiteit en een persoonlijke
identiteit te ontwikkelen. Feitelijk dus om zich in individualistische zin te
verwerkelijken. Maar, tegelijkertijd werkt het taboe ten aanzien van het
individualisme - want een taboe is het - toch in zoverre door dat laatstgenoemd
proces beslist geen individualisering of iets dergelijks mag heten, maar
beschreven moet worden in termen van emancipatie, bevrijding, dekolonisatie
en zomeer.
In het gebruikelijke denken is er
voortdurend sprake van onverzoenlijke tegenstellingen. De sociaal denkende mens
zou absoluut tegengesteld zijn aan de individualistisch denkende mens, de
kapitalist het tegengestelde van de socialist of communist - door mij 'proletaar' genoemd - terwijl je het over de anarchist en
nihilist maar beter helemaal niet moet hebben, want daarvan wordt gedacht dat
zij volstrekt niet deugen omdat zij tegengesteld zijn aan beiden, zowel de
kapitalist als de proletaar. Kortom, de mensen worden
steeds ingedeeld in rubrieken die op zichzelf staan en die blijkbaar totaal
niets met elkaar te maken hebben. Een proletaar heeft
niets gemeen met een kapitalist, zij behoren tot mensentypen die volstrekt van
elkaar verschillen. Dat zou, zoals gewoonlijk beredeneerd wordt, veroorzaakt
worden door de omstandigheid dat de eerste zich qua Ievenshouding
richt op het collectief, de gemeenschap of, in Hegelse
termen 'Het geheel', maar de tweede op het individu, de enkeling. Beide
grootheden, namelijk de gemeenschap en de enkeling vormen volgens de
gebruikelijke redenering tezamen een absolute tegenstelling, een tegenstelling dus
die zich nimmer op laat lossen. Gevolg daarvan is dat er ook geen verzoening
mogelijk is tussen de kapitalist en de proletaar.
Deze conclusie is onontkoombaar en dus
juist, maar het is desondanks wel de vraag of zij ook waar is. De waarheid van
een conclusie wordt namelijk in eerste instantie bepaald door de wijze van
denken die iemand er op na houdt en vervolgens, daarmee samenhangend, door de
uitgangspunten die men kiest. Zo is binnen het theologische denken de conclusie
juist dat de mens zelf geen beslissing mag nemen inzake het eigen leven of de
eigen dood. Maar is die conclusie ook waar? Neen, dat is zij niet, want zij
berust op een denken dat niet deugt omdat de uitgangspunten ervan niet deugen. Ten
eerste is er geen hogere macht en dus gaat boven de mens niets uit. Hij is
in alle opzichten vrij en dat betekent dat hij op elk terrein alle
beslissingen in eigen hand heeft. En ten tweede zijn de uitgangspunten
voor het theologische denken op zichzelf geen uitgangspunten maar aannames die
niet in twijfel getrokken mogen worden. Vanuit de gangbare optiek is er met
geen mogelijkheid een oplossing te vinden voor het vraagstuk van de enkeling
versus de gemeenschap. Deze conclusie is dus juist. En het is ook juist dat er
slechts een of ander compromis mogelijk is, maar toegegeven moet dan worden dat
dit noodzakelijk inhoudt dat geen van beide, noch de enkeling, noch de
gemeenschap volledig tot hun recht kunnen komen. Zo gezien is en blijft het dus
'getob' met de mensen. Gelukkig kun je de zaak ook nog anders bekijken en dan
blijkt dat de waarheid er anders uitziet...
Als je nagaat hoe het zit met de
werkelijkheid blijkt dat er in de grond van de zaak nooit sprake is van
verschijnselen die helemaal op zichzelf staan en die niets met elkaar te maken
hebben. Tussen alle verschijnselen bestaan relaties die het gevolg zijn van het
procesmatige ontstaan van die verschijnselen. Zoals bekend is elk verschijnsel
een - logischerwijs steeds tijdelijk, maar soms ook voorlopig - resultaat van
een proces dat zich afspeelt tussen allerlei soorten van beweeglijke en in
beweging zijnde 'systemen'. Of je die systemen nu beschrijft als 'deeltjes' of
'golven' doet er nu even niet toe, ook geeft het niet als je het hebt over
'materie'. In ieder geval spelen er zich voortdurend gebeurtenissen af en dat
zijn natuurlijk niets anders dan bepaalde processen die alIe
tezamen één groot proces vormen: de kosmos.Het
is niet alleen mogelijk, maar ook veel consequenter om vraagstukken die het
menselijk leven en de daarbij behorende eigenaardige den betreffen ook op een
procesmatige wijze te benaderen. Veel ogenschijnlijk onverzoenlijke
tegenstellingen blijken dan van elkaar onderscheiden momenten te zijn in
precies dezelfde processen. Omdat die processen nimmer tot stilstand komen maar
altijd doorgaan - zo je wilt te onderscheiden in perioden van 'onbepaaldheid',
'ontstaan', 'bestaan', 'vergaan' en tenslotte wederom 'onbepaaldheid' - kun je
met recht stellen dat letterlijk alles op den duur tot een oplossing komt. Het
begrip is hetzelfde als het begrip verzoening.
De eerder genoemde tegenstellingen zijn
zonder al teveel moeite te herkennen als momenten in een bepaald proces. Toch is
het op het eerste gezicht merkwaardig dat bijna nooit iemand daartoe komt, maar
dat men daarentegen halsstarrig vast blijft houden aan een absolute scheiding
tussen de verschillende grootheden: de kapitalist is volstrekt geen proletaar, ze zijn zelfs elkaars vijanden (onder anderen
volgens Marx, die toch eigenlijk, als 'leerling' van Hegel, beter moest weten.
De geschiedenis heeft hem dan ook in het ongelijk gesteld!). Die
halsstarrigheid laat zich verklaren uit het in onze moderne cultuur
gebruikelijke analytische denken, dat er uitsluitend rekening mee houdt dat het
één beslist het ander niet is. Het analytische denken is dan ook geen
procesmatig denken maar een statisch denken: het legt tussen alle dingen
een scheiding aan en rubriceert vervolgens die van elkaar gescheiden dingen.
Tussen de rubrieken is er dan wel een relatie, maar tussen die dingen niet
meer. Ik heb dat denken daarom ook wel eens een verzamelaarsdenken
genoemd, namelijk in “De Ontwikkeling van het Denken” (Uitgave DVG) - maar dit
terzijde...Het kan niet uitblijven dat op een zeker moment in de ontwikkeling
van de mensheid het besef doorbreekt dat ieder mens een uniek verschijnsel is.
Weliswaar behoort ieder mens tot de menselijke soort zodat je algemene soortgebonden overeenkomsten aan kunt treffen, maar binnen
dat stramien zijn er geen twee mensen eender. Iedereen is uniek, iedereen is
individu. In een volgend artikel hoop ik eens uit te leggen dat de mens beslist
geen kuddedier is, zoals nogal wat lui elkaar nabauwen en zoals dat door
een aantal in termen van collectiviteiten denkende wereldhervormers gesteld
wordt.
Nu laat ik het bij de 'bewering' dat
iedereen een uniek individu is en dat dit tot noodzakelijk gevolg heeft dat
iedereen zich als zodanig wil waarmaken en daartoe een bepaalde levenshouding
aanneemt. De mens als individu - door mij kortweg 'de individu' genoemd - gaat
zichzelf waarmaken zodra die zaak, om te beginnen als een vaag besef, in het
zelfbewustzijn doorgebroken is. Dat wil zeggen dat het op de een of andere manier,
bijwijze van vermoeden, idee of vanzelfsprekendheid
'in het denken' is komen te liggen. Er zet dan een proces in dat ik de
individualisering noem. Daarin zijn, grofweg, de volgende fasen te
onderscheiden:1) de fase van het 'zelfbewust worden' van het besef een
individu te zijn, aan het einde van de Oudheid. Dat is het eerste moment van de
individualisering en het leidt ertoe dat men zich van de anderen gaat
afzonderen. De mens die in het teken daarvan staat is te benoemen met het
begrip particulier. 2) de fase van het 'zelfbewust zijn' als individu.
Tijdens die fase gaat de particulier zich breedmaken omdat hij er zich onvermijdelijk ook bewust van
is geworden dat, op grond van het feit dat hij het laatst ontstane verschijnsel
is, de hele wereld hem toekomt. Dit leidt tot een tweetal mogelijkheden die
niet van elkaar los te maken zijn. Zij hangen zogezegd als 'licht en donker'
aan elkaar. Het gaat dan over de particulier die kapitalist is en over de
particulier die proletaar is. De eerste is de
'betrekkelijk geslaagde' bezitter en de tweede de 'betrekkelijk mislukte'
bezitter. Ondanks allerlei zogenaamd egoïstische, asociale ideeën van de
kapitalist en daar tegenover zogenaamd altruïstische, sociale ideeën van de proletaar behoren zij beiden tot precies dezelfde fase van
het proces dat individualisering heet, namelijk de fase van het particulier
zijn. En in die fase is het zich breedmaken en dus
het in bezit nemen van een zo groot mogelijk deel van de kosmos, de dominante
drijfveer. Het begrip bezit is de alles overheersende eigenaardigheid van de
mens als particulier. Op grond hiervan is de verhouding tussen het begrip
'kapitalist' en het begrip 'proletaar' een
asymmetrische. Hun zogenaamde tegenstelling blijkt een procesmatige: de proletaar staat alleen maar tegenover de kapitalist voorzover hij het begin is van een proces en de kapitalist
het einde. Hij loopt dus tenslotte in de kapitalist uit. Deze laatste staat in
feite voor de particulier die de wereld in bezit genomen heeft, precies wat bij
de individualisering aan de gang is.3) de fase van het 'individu zijn'. Het is
dan zover gekomen dat de mensen in principe zichzelf zijn geworden, zichzelf
als zijnde een uniek en zelfstandig individu. Deze individu is natuurlijk in
feite de geheel ontwikkelde particulier, maar het onderscheid tussen kapitalist
en proletaar is nu opgelost, tot een 'synthese'
gekomen. Bovendien heeft deze individu zichzelf tot bezitter van al het
bestaande gemaakt. Let wel, dat geldt nu voor ieder individu: iedereen
bezit alles. Dat betekent natuurlijk dat eindelijk het gemeenschappelijk bezit
van de aarde gerealiseerd is, een oude droom van alle goedwillende en redelijke
mensen! Als dat eenmaal een feit is krijgt ook een geheel andere
menselijke eigenaardigheid een kans, namelijk deze dat voor de zelfbewuste,
volwassen individu het bestaansrecht van 'de ander' een vanzelfsprekend en
onvoorwaardelijk gegeven is geworden en bovendien dat een ieder met alle
anderen één, volkomen in zichzelf samenhangend, geheel vormt. Ik heb dat in de
Goudse cursus De Grote Vierslag, die over de begrippen nihilisme, anarchisme,
socialisme en communisme gaat, als volgt getypeerd: “De volwassen individu zegt
'als ik er ben ben jij er ook' (socialisme) en hij
weet en laat gelden 'wij zijn met zijn allen' (communisme)." Dat is
overigens niet mogelijk zonder nihilisme en anarchisme, maar daarover gaat het
nu niet...Waarover het nu wel gaat is dit dat een andere wijze van denken,
waarin niet de statische analyse eenzijdig de maat is, maar het dynamische en
procesmatige denken, zonder al teveel problemen leidt tot een reële oplossing
van het probleem. Je kunt dan gemakkelijk inzien waarover het gaat als het over
individu versus gemeenschap gaat en voorzien hoe in grote trekken het verloop
van het proces zal zijn.
Welnu, zoals hopelijk uit het bovenstaande
blijkt is de individu tenslotte helemaal niet in strijd met het
gemeenschappelijke. Het is juist deze individu die uitermate geschikt is om in
de praktijk een gemeenschap te vormen. Juist omdat hij de voor de mens geldende
begrippen socialisme en communisme ontdekt heeft kan hij de gemeenschap zien en
ervaren als een zaak die hij op andere wijze zelf is. Dat betekent dat er geen
enkele noodzaak meer is zichzelf terwille van welk
collectief dan ook weg te cijferen. Sterker nog: zou hij de zaak op
zodanige wijze ondergaan dat hij de behoefte voelt zich inderdaad weg te
cijferen, dan verzwakt hij daarmee de gemeenschap en het gemeenschappelijke, en
uiteraard ook in niet geringe mate zichzelf. De gemeenschap is er juist tenvolle mee gediend dat de mensen zo getrouw mogelijk
zichzelf zijn, dat wil zeggen dat zij zo dicht mogelijk de ware verhoudingen in
en van de werkelijkheid benaderen. Je hebt dan te doen met volwassen mensen.
Daarvoor geldt nog steeds dat zij particulier zijn, alleen met dit verschil dat
de zaak nu helemaal uitgewerkt is. Alle tijdens de ontwikkeling naar voren
komende begrippen zijn niet verloren gegaan, maar zij zijn nu in de volwassen
mens verenigd. Dat kan trouwens ook niet anders, want het was immers een proces
waarmee we te doen hadden. Het opmerkelijke van een proces is namelijk dat alle
fasen in het eindresultaat aanwezig blijven, alleen niet als op zichzelf
staande zaken, maar als een soort van 'eenheid'. De individu voor wie tenslotte
die 'eenheid' gerealiseerd is is een 'vrij' mens
geworden: hij onderdrukt zichzelf niet langer vanuit de mening dat hij
verplicht zou zijn zich aan de gemeenschap 'aan te passen' en uiteraard laat
hij zichzelf ook niet langer onderdrukken door lieden die claimen daartoe
namens de gemeenschap het recht te hebben - wat zij dan valselijk als hun
'plicht' voorstellen. Zijn 'zichzelf zijn' houdt een levenshouding in waarin
onmiddellijk en onvoorwaardelijk de ander erkend is en waarin de wetenschap met
zijn allen te zijn leidraad voor al het handelen is.
Als je de
wisselwerking tussen individu en gemeenschap, kapitalist en proletaar,
liberaal en socialist niet beschouwt als een voortdurend verstoren en
vervolgens zoeken van een evenwicht tussen twee onverzoenlijke tegenpolen, maar
als opeenvolgende momenten in een proces, dan worden heel wat zaken duidelijk
die anders onbegrijpelijk zouden zijn geweest. Ik heb de vorige keer al gewezen
op het, voor menigeen moeilijk aanvaardbare feit dat het nu juist die
individualistisch ingestelde kapitalistische wereld is waarin, in tegenstelling
tot de rest van de wereld, een grote mate van persoonlijke materiële en
immateriële veiligheid bestaat en waarin heel weinig discriminatie van wie dan
ook aanwezig is - alle opgewonden verhalen van een aantal verongelijkten ten
spijt. Die hebben kennelijk niet voldoende objectief naar de rest van de wereld
gekeken! Maar begrijpelijk wordt daarentegen ook waarom in diezelfde
kapitalistische wereld een hartstochtelijk streven naar persoonlijk bezit is en
waarom er enkelen zijn die daarin een grote hoogte bereiken en een
onvoorstelbare rijkdom bij elkaar schrapen. En duidelijk wordt waarom ook
diegenen die - overigens terecht - om het hardst schreeuwen dat een dergelijke
rijkdom geen pas heeft, toch voor zichzelf ook naar bezit streven en zich in de
loop der tijd niet als
'socialisten' , maar als meer of minder
geslaagde kapitalisten ontpoppen - de grote frustratie van de 'oude'
socialisten...Zo zijn er vele voorbeelden te geven, maar waarom het mij gaat is
dat het tijd wordt dat men in gaat zien dat de voortgang naar een 'goede'
wereld in wezen de menselijke ontwikkeling tot individu is en dat het daarom
een stap vooruit is dat tegenwoordig het denken in collectiviteiten aan het
instorten is om plaats te maken voor een steeds meer individualistisch
ingesteld denken, tezamen met de daarbij behorende levenshouding. Ik ga er nu
niet weer op wijzen dat deze ontwikkeling in menig opzicht bijzonder
onaangenaam is, vooral voor diegenen die nog nauwelijks het aanvankelijke proletaar zijn achter zich hebben gelaten... voor het gros
van de mensen dus. Daartegenover staat dat het ook niet verantwoord zou zijn
mee te doen met het almaar herhalen van een opvatting over individu en
gemeenschap die aantoonbaar onwaar en dus uitzichtloos is.
Bovenstaande tekst is geschreven: door Jan
Vis, filosoof.
Pagina's
zijn door mij uit het tijdschrift van De Vrije Gedachte No. 246- juni 1994
overgenomen.
Aangezien
de filosofie er niet is voor enkele bevoorrechten maar juist voor alle mensen,
is het citeren uit mijn werk zonder meer
toegestaan. Wel echter zou ik het op prijs stellen dat het citeren vergezeld
gaat van een duidelijke bronvermelding! (Jan Vis)
Naar: een grens te ver individualisme voorstelling
gedrag – Jan Vis
Naar:
eenindividualistischebeschouwingvolwassenindividualiteitdvg242-Jan Vis
Naar:
individualismekapitalismesocialismedvg - 243 – Klaas de Boer
Naar: individualistischebeschouwingenkapitalismedvg
- 244 – Dhr. H.
Atsma
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg245-Jan vis
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg246-Jan Vis (eerste vervolg)
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg247-Jan Vis (tweede vervolg)
Naar: datverfoeilijkeindividualismedvg248-Jan Vis (derde vervolg)
|
|